Wat het overlijden van mijn moeder mij leerde over durven kiezenĀ
Eind februari 2026.
Bijna een jaar geleden overleed mijn moeder, op 2 maart, na een operatie, een herseninfarct en een kort ziekbed.
Het afgelopen jaar kijk ik vaak terug. Naar haar ziek zijn, haar overlijden. Maar ook naar mijn eigen leven. Want juist door haar ziek zijn en overlijden veranderde er heel veel en niet alleen mijn privésituatie.
Ik werkte al jaren ruim zestig uur per week. Fulltime programmamanager in loondienst en daarnaast mijn eigen praktijk als verlies- en rouwcoach. Waar anderen afbouwden, bouwde ik op. Ik wist dat het veel was en ik wist ook dat ik uiteindelijk een keer een keuze moest maken. Maar ik stelde het steeds uit want de zekerheid van een baan in loondienst is comfortabel, ook als het wringt.
Tot ik naast het ziekenhuisbed van mijn moeder zat. Ik hoorde haar woorden opnieuw in mijn hoofd: "Marlon, je moet beter voor jezelf zorgen. Maak een keuze, anders ga je eraan onderdoor." Ik wuifde haar zorgen steeds weg, wilde dat niet echt horen.
Maar daar langs haar bed, op dat moment, voelde ik dat ze gelijk had. En toen heb ik direct de knop omgezet en gekozen. Niet voor de veilige weg maar voor wat mijn hart me vertelde.
Ik heb mijn baan in loondienst opgezegd en ben volledig verder gegaan met mijn werk rondom verlies en rouw op de werkvloer.
Verlies en rouw
Waarom?
Omdat ik van dichtbij heb ervaren hoe groot de impact van verlies is. Niet alleen emotioneel, maar ook in je lijf, in je concentratie, in je gedrag. Je bent niet meer wie je was.
Bij eerdere verliezen en ook nu weer merkte ik dat ik het moeilijk vond om me te concentreren, vergat in een vergadering na een paar woorden al wat ik wilde zeggen, ik maakte meer fouten maar ik had al snel het gevoel dat ik weer 'gewoon' moest doen, alsof er niets gebeurd was.
En dat zie ik ook bij de mensen die ik begeleid. In de eerste weken is er vaak veel aandacht. Kaartjes om sterkte te wensen, berichten om een hart onder de riem te steken. Begrip voor verdriet en andere emoties. Maar snel daarna gaat iedereen weer door. Op het werk ook. Terwijl het verlies niet ineens minder is geworden en de impact ervan op veel manieren gevoeld wordt.
Als leidinggevende heb ik zelf geworsteld met die realiteit: Wat zeg je wel, wat niet? Wanneer geef je de ruimte en wanneer stuur je op resultaat? Hoe begeleid je iemand die terugkomt na het overlijden van een dierbare, een scheiding, een miskraam of een ernstige ziekte?
Op papier heet het re-integratie maar in de praktijk gaat het over onzekerheid, terugval en emoties waar geen protocol voor is. Ik merkte dat ik vaak druk was met processen, targets en procedures, terwijl ik wilde dat het om iets anders ging: de mens achter de medewerker.
Want dat was waarom ik leidinggevende wilde zijn, dat is voor mij goed werkgeverschap. Die realisatie was mijn keerpunt.
Van coach voor mensen die een verlies ervaren richt ik me voortaan als trainer en coach op leidinggevenden. Niet als HR- of verzuimspecialist (ook al kun je echt ziek worden door rouw), maar juist als aanvulling daarop. Mijn focus ligt op leiderschap in situaties waarin standaardoplossingen niet werken. Waar verlies meespeelt en waar de impact geen recht pad, geen afvinklijstjes volgt. Waar je als leidinggevende soms ook gewoon niet weet wat je moet doen.
Het afgelopen jaar heeft me veel gekost. Ik mis mijn moeder elke dag. Maar haar ziekte en overlijden hebben me ook gedwongen eerlijk te kijken naar hoe ik verder wilde in het leven. Ik kies er nu bewust voor om verlies en rouw op de werkvloer bespreekbaar te maken. Om leidinggevenden te helpen medewerkers te begeleiden op een manier die menselijk is én professioneel klopt.
Misschien is dat wel wat ze bedoelde met beter voor mezelf zorgen.